Wil je alles weten over de Hindoestaanse uitvaart? De rituelen voor, tijdens en na de uitvaart. En, hoe zit het met een Hindoestaanse uitvaart en je uitvaartverzekering? Ook geven we antwoord op de veelgestelde vragen. In dit artikel vertellen we alles wat je wilt weten over een Hindoestaanse uitvaart. Direct een uitvaartverzekering aanvragen voor een hindoestaanse uitvaart? Klik dan op de knop hieronder.
In Nederland wonen ruim 190.000 hindoestanen. Hiervan zijn meer dan 80% afkomstig uit Suriname. Wanneer men in Nederland spreekt over “hindoestanen”, bedoelt men meestal hindoestanen uit Suriname. In Suriname zijn de hindoestanen 1 van de vele etnische groepen. Veel Surinamers zijn verhuisd naar Nederland. Vooral na de Surinaamse onafhankelijkheid in 1975. Een reden hiervan is dat Suriname vroeger een kolonie was van Nederland. Voor meer informatie over een Surinaamse begrafenis of uitvaart lees je dit artikel.
In 1863 werd de slavernij in Suriname afgeschaft. Het gevolg was dat er een tekort aan arbeiders in Suriname was. Om dit op te lossen kwamen er ruim 30.000 contractarbeiders uit India. Hiervan was ongeveer 80% hindoe. Oorspronkelijk komt het hindoeïsme dus uit India. Toen de arbeiders naar Suriname gingen, namen zij ook hun rituelen en gebruiken mee. Daarna zijn de rituelen ook wat veranderd over de jaren heen.
Veel mensen kennen het woord ‘hindoe’ als een afkorting van de woorden ‘hindoestaan’ of ‘hindoeïsme’. Met ‘hindoestaan’ bedoelt men in Nederland doorgaans een Surinaamse hindoestaan. Maar eigenlijk zit er meer achter. Het is afgeleid van de Indus rivier. Vroeger had die de naam ‘Shindoe’. De letter ‘s’ is later weggelaten. Dat komt doordat de Mongolen die India waren binnengekomen de letter ‘s’ niet goed konden uitspreken. Daarna heeft de rivier de naam ‘Hindoe’ gekregen. Wat later weer gebruikt werd voor het land en de religie in India.
In Nederland en Suriname volgen de hindoestanen vaak het hindoeïsme of de islam. Binnen het hindoeïsme zijn er wereldwijd weer vele stromingen binnen het geloof. Wereldwijd zijn er zelfs ongeveer 500 miljoen volgelingen van het hindoeïsme. Waarbij een groot deel in India woont. Wij richten ons in dit artikel vooral op de rituelen van het hindoeïsme wat veel voorkomt in Nederland. Over het algemeen vind je de onderstaande gewoonten binnen alle stromingen terug in het hindoeïsme.
Hindoes geloven in reïncarnatie. Dit is een religieuze opvatting die vooral in het hindoeïsme en boeddhisme voorkomt. Letterlijk betekent het dat men gelooft in wedergeboorte. Dat houdt in dat het niet-lichamelijke deel van een levend wezen, na de dood niet verdwijnt. Maar, opnieuw geboren wordt in een ander levend wezen. Hiermee bedoelt men dus de ziel of geest. In het hindoeïsme is het sterk verbonden met het begrip ‘karma’. Volgens deze overtuiging leiden goede dagen tot goede gevolgen. Zowel in het huidige leven, als in het toekomstige leven. Aan de andere kant, geldt hetzelfde voor slechte daden.
De hindoestaanse uitvaart kent een aantal rituelen en gebruiken. Het is handig om dit te weten wanneer je zelf bent uitgenodigd voor een hindoestaanse uitvaart. Ook is het handig om te weten wat je uitvaartverzekering precies dekt. En wat je eventueel moet doen wanneer je een hindoestaanse uitvaart moet organiseren. Hieronder benoemen we een aantal belangrijke rituelen die voorafgaan bij een hindoestaanse uitvaart.
Wanneer iemand op sterven ligt, voer je een aantal rituelen en gebruiken uit bij een hindoestaanse uitvaart. Daarvoor komen alle familieleden bij elkaar voor het afscheidsritueel. Hierbij doet de man alle belangrijke taken. Meestal is dit de oudste zoon binnen het gezin van de overledene. Of een andere man die het dichtst bij de overledene staat. De man scheert zijn hoofdhaar af op de dag van de uitvaart. Vaak op een kort staartje na. Het mannelijk familielid doet vaak samen met een hindoe priester het afscheidsritueel. De priester noem je ‘pandit’ in het hindoeïsme. Tijdens het afscheidsritueel leest de pandit voor uit de heilige boeken. Ook gaan zij bidden en soms ook zingen.
Voor de hindoestaanse uitvaart komt er een pandit bij de familie thuis voor de voorbereidingen van de crematie of begrafenis. Iedereen die er dan aan deelneemt moet zo rein mogelijk zijn. Een vrouw tijdens haar menstruatieperiode wordt bijvoorbeeld als onrein gezien. Dat betekent dat zij in dat geval niet in de buurt van de pandit mag komen. Van mannen wordt verwacht dat zij zo schoon mogelijk zijn.
Bij een hindoestaanse uitvaart is het belangrijk om de juiste dag en datum van de crematie te bepalen. Dat doet de familie samen met de pandit. De pandit kijkt welke dag en tijdstip het beste uitkomt. Hierbij kijkt hij er op een astrologische manier naar. Zo is er bijvoorbeeld 2 keer in de maand een periode waarbij de crematie ongunstig zou zijn. Deze periode duurt 5 dagen per keer. Dit kan lastig zijn met de Wet van de lijkbezorging. Een uitvaart moet namelijk uiterlijk 6 dagen na overlijden plaatsvinden. Maar meestal lukt het wel om de gewenste dag te combineren met de uitvaart.
De overledene wordt altijd gewassen voor de uitvaart. De spullen die zijn gebruikt voor het wassen van het lichaam, leg je vervolgens bij de voeten neer van de overledene. Wanneer de overledene een vrouw is, wordt zij ook gewassen door een vrouw. Aan de andere kant, wanneer de overledene een man is, wordt hij ook gewassen door een man. De overledene moet dus gewassen worden door iemand van hetzelfde geslacht.
Tegenwoordig laten de nabestaanden vaak een digitale rouwkaart maken. Dat verstuur je dan via Whatsapp. Dat is snel, gratis en efficiënt. Ook is het gebruikelijk om via de lokale hindoestaanse radiozender het overlijden te delen. Vooral omdat daar veel hindoestanen naar luisteren. En, zo bereik je ook de mensen waar je bijvoorbeeld geen contactgegevens van hebt. Als laatste worden de dichtstbijzijnde naasten ook gebeld om het nieuws spoedig te kunnen delen.
Er gelden andere richtlijnen voor vrouwen en mannen. Wanneer de overledene een vrouw is, draagt ze een witte katoenen sari. Ook draagt zij een hoofddoek. Wanneer de overledene een man is, wordt zijn hoofdhaar geschoren. Hij draagt een tulband en krijgt een klein rood stipje op zijn voorhoofd. Vrouwen krijgen ook een rood stipje op hun voorhoofd.
Op de dag van de uitvaart wordt de overledene naar het crematorium of begraafplaats gebracht met een rouwstoet. Onderweg daar naartoe stop je het liefst nog voor een laatste keer bij het huis van de overledene. Dit lukt niet altijd, maar heeft wel de voorkeur. Dan voer je nog wat rituelen uit, voordat je naar het crematorium of begraafplaats rijdt. De rituelen worden gezien als het afscheid van de aarde. Een onderdeel is dat je de kist op een laken plaatst. De kistdragers tillen de kist op en zetten het na enkele stappen weer neer. Dat gebeurt 5 keer. Het is ook traditie om tijdens dit ritueel vuur, wierook en kruiden te gebruiken.
De hindoestaanse uitvaart vindt normaliter zo snel mogelijk plaats, na het overlijden. In de praktijk zorgt dit soms voor uitdagingen. Vooral wanneer familieleden uit het buitenland moeten komen om bij de uitvaart te zijn. In de periode tussen het overlijden en de uitvaart wordt er veel gebeden door de nabestaanden. Dagelijks vindt er ook een rouwdienst plaats. Dit kan meestal een uur duren.
De ‘Diya’ is erg belangrijk bij een hindoestaanse uitvaart. Het is een traditioneel kommetje, gemaakt van klei. Het heeft ook een watje van katoen, als lont. Soms is het alleen een soort kaarsje, gemaakt met een watje van katoen als lont. De Diya staat voor zuiverheid en het eeuwige licht. Ook beschermt het de ziel van de overledene tegen het kwade. Het is aanwezig tijdens heel de Hindoestaanse uitvaart.
De oudste zoon of ander mannelijk familielid loopt vijf rondjes om de overledene heen. Dat doet hij voordat het lichaam uit de aula gehaald wordt tijdens de crematieplechtigheid. Op het moment van lopen heeft hij een aantal belangrijke voorwerpen vast. Een schaal met een brandende olielamp. En een koperen bokaal gevuld met heilig water. In het crematorium versieren de familieleden en uitvaartverzorgers de kist ook met kransen.
De aanwezigen van de uitvaart dienen geen rode kleding te dragen. Meestal dragen zij wit of zwart tijdens de uitvaart. Ook dragen de meeste aanwezige vrouwen geen make-up of sieraden tijdens de uitvaart.
Tijdens de crematie of begrafenis zijn er doorgaans een hoop mensen aanwezig. Vaak heeft de overledene namelijk een grote familie, veel vrienden en een hoop kennissen. Alle aanwezigen willen graag afscheid nemen van de overledene. Daarnaast komen ook vaak mensen langs om de nabestaanden te steunen. Het komt regelmatig voor dat er meer dan 80 mensen aanwezig zijn.
Onderdeel van het ritueel is dat er aan het einde van de crematie een aantal dingen over de overledene wordt gestrooid. Meestal zijn dit bloemblaadjes, geurige kruiden en/of geurwater. De directe familieleden of goede vrienden zijn vaak de mensen die dit ritueel uitvoeren tijdens de uitvaart. Bij dit ritueel hoort ook een afscheid van de aanwezigen. Dit kan soms veel tijd in beslag nemen, vooral wanneer er veel aanwezigen zijn.
Nadat alle aanwezigen afscheid genomen hebben volgt de laatste stap naar de crematieoven. Dan wordt er nog een keer gebeden. Meestal in de aanwezigheid van de pandit. Op dat moment verzamel je de dingen die mee de crematieoven in gaan met de overledene. Denk hierbij aan: bloemen, de Diya en kamfer blokjes. Normaal gesproken steekt de oudste zoon de brandstapel aan. Aangezien dit in Nederland niet kan en mag, wordt de Diya gebruikt. De Diya plaats je in de kist om het vuur symbolisch te ontsteken. Daarnaast is het belangrijk dat het lichaam van de overledene niet buiten het zicht van de familie verbrand wordt.
Bij hindoes spelen reïncarnatie en de wedergeboorte een belangrijke rol bij het overlijden. Dat verklaart ook waarom de meeste hindoes kiezen voor een crematie in plaats van begrafenis. Hoewel begraven worden geen taboe is en nog steeds gekozen wordt. Hindoes geloven namelijk dat je lichaam met cremeren de snelste weg terug naar de bron bereikt. Dat noem je ‘Brahm’, ook wel de Oerbron. In India vindt een crematie plaats in de open lucht. In Nederland is dat niet toegestaan. Daarom vindt het enkel plaats in een crematorium.
Na de crematie of begrafenis is het gebruikelijk dat de familieleden vegetarisch eten. Dit is geen verplichting, maar gebeurt meestal wel. Daarnaast ook bij de directe vrienden of kennissen die op deze manier hun respect en rouwen willen tonen. Ook drink je geen alcohol. Meestal nemen anderen ook eten mee voor de nabestaanden wanneer zij tijdens de rouwperiode op bezoek komen. De voorschriften over het eten en drinken gelden voor een bepaalde periode na de uitvaart.
Na een bepaalde periode na de uitvaart vindt er nog een laatste rouwplechtigheid plaats in het huis van de overledene. Hiermee hef je officieel de rouw op. Dat gebeurt meestal 12 of 13 dagen na de uitvaart. Tot die dag houd je elke dag een offerdienst in het huis van de overledene. Tijdens de laatste rouwplechtigheid komt de pandit ook. Dan breng je speciale offers naar het huis van de overledene onder leiding van de pandit.
In sommige gevallen wordt de as al aan het einde van de bovengenoemde rouwperiode uitgestrooid. Eigenlijk mag dit niet. Wettelijk gezien heb je namelijk een termijn van een maand waarna het as opgehaald mag worden. De nabestaanden kunnen wel een verzoek indienen bij de officier van justitie om het as eerder op te komen halen. Een reden kan zijn, zodat familieleden uit het buitenland nog bij het as uitstrooien aanwezig kunnen zijn.
Volgens de traditie binnen het hindoeïsme strooi je het as eigenlijk uit boven stromend water. Idealiter doe je dit bij de Ganges rivier in India. In de praktijk is dit natuurlijk niet altijd mogelijk. Meestal is de zee dan een vervangende optie. Uiteindelijk gaat het erom dat het as via het water bij de oneindigheid komt. De gedachte is dat alle wateren op aarde met elkaar in verbinding staan. En dat zo de as van de overledene ook opgenomen wordt in de heilige Ganges. Soms wil de overledene het as uitgestrooid hebben in Suriname of India. Dit is uiteindelijk een persoonlijke voorkeur.
Zoals beschreven zijn er verschillende rituelen en gebruiken bij een hindoestaanse uitvaart. Sommige tradities zijn wettelijk gewoon toegestaan en sommigen niet. Wat wettelijk is toegestaan in Nederland dekt je uitvaartverzekering meestal. Denk hierbij aan de crematie, bepaalde kleding en de wassing.
Wil je extra geld te besteden hebben voor traditionele voorkeuren wat niet standaard in je uitvaartverzekering zit? Dan kan je aangeven dat je een vrij te besteden budget wilt. Dan kunnen de nabestaanden alsnog de wensen van de overledene vervullen. Wil je een uitvaartverzekering aanvragen of vergelijken? Klik dan op de knop hieronder.
Ja. Dit vraag je eerst aan bij justitie. Dit doe je via de uitvaartverzorger en het crematorium. Wettelijk gezien moet de as na de crematie namelijk nog 30 dagen bij het crematorium blijven. Bij een geldige reden krijg je de as eerder. Bijvoorbeeld als het om geloofsovertuiging gaat. Of wanneer je de as wilt meenemen naar het buitenland.
Ja. DELA heeft bijvoorbeeld op al hun locaties verzorgingruimtes. Dan helpen zij ook met de wassing, indien gewenst. Zij hebben ook ervaring met traditionele kleding en het plooien van de sari.
Dat lukt niet altijd. Maar, de uitvaartverzorger kent wel de tradities en gebruiken van een hindoestaanse uitvaart. Ook wanneer de uitvaartverzorger zelf niet hindoestaans is.
Soms wel, soms niet. Dat is afhankelijk van de voorschriften van het crematorium. In sommige gevallen cremeer je een overledene op een opbaarplank zonder deksel. Maar in andere gevallen kan dit niet vanwege brandveiligheidsvoorschriften van de locatie.
Dat is afhankelijk van de mogelijkheden van de uitvaartlocatie. De uitvaartverzekeraar bekijkt of de vuurdienst in het crematorium of thuis plaatsvindt. Wanneer het bij de uitvaartlocatie is, zorgen de uitvaartverzorgers ervoor dat zij op gepaste afstand aanwezig zijn.
Nadat de uitvaartverzekeraar alle benodigde documenten heeft ontvangen. Zij laten natuurlijk weten welke documenten zij nodig hebben. Na ontvangst van de documenten ontvangt de begunstigde van ons binnen 10 werkdagen de vergoeding op het door hem of haar opgegeven IBAN-rekeningnummer.